Henk van der Honing (1947) was jarenlang actieve vrijwilliger voor GroeneKerken. We vragen hem hoe hij kijkt naar de ontwikkeling van GroeneKerken en wat hij de jongere generatie wil meegeven.

Henk, kun je wat meer vertellen over de ontwikkeling van GroeneKerken die jij hebt gezien afgelopen jaren?

“Toen ik begon als vaste vrijwilliger bij Kerk in Actie voor GroeneKerken – wat toen de Groenekerken-actie heette – waren er 34 kerken aangesloten. Ik begon in 2014 en was nog niet zo lang gepensioneerd. Het werk sloot goed aan bij mijn ervaring en opleiding en ik heb dat ruim drie jaren, één dag per week gedaan. In die tijd was Sjoerd van Schooneveld de vaste medewerker van GroeneKerken, hij is mede grondlegger van de actie. Ik bezocht geloofsgemeenschappen, bracht mensen met elkaar in verbinding. We wisselden tips uit via de website en nieuwsbrieven en we organiseerden met andere vrijwilligers in het land samen de GroeneKerken-dag. Zo groeide het netwerk. Het is heel mooi om te zien waartoe het GroeneKerken-netwerk zich nu ontwikkeld heeft.

Als kerken zouden we voorop moeten lopen in de groene ontwikkelingen, helaas deden en doen we dat niet echt. Maar ik denk dat GroeneKerken wel helpt als middel, een manier om het in de kerk op de agenda te zetten en dat het er zo weer aan bijdraagt dat kerkleden zelf stappen zetten. Op veel plekken zie je dat het ook gewoon tijd kost. Zeker in het begin was niet iedereen gelijk enthousiast. Of werd gezegd, wat je nu nog wel eens hoort, dat God het wel regelt met de aarde. Ook in mijn eigen kerk was het in het begin wat lastig. Maar met wat tijd is het groene-kerk-bordje er toch gekomen.”

Klimaatpelgrimage 2015

“2015 was een belangrijk jaar voor de ontwikkelingen rondom duurzaamheid. In dat jaar was de VN-klimaattop in Parijs, waar nieuwe klimaatdoelen moesten worden vastgesteld. Vanuit de katholieke kerk kwam de paus met de encycliek ‘Laudato si’. Wij wilden als Groenekerken-actie ook iets doen en hebben een pelgrimage georganiseerd. We wilden aansluiten bij pelgrimages in Finland, Noorwegen en Duitsland naar Parijs. 

In Nederland werden regionaal in een aantal weekenden van noord naar zuid pelgrimages georganiseerd door veel actieve Groenekerk-gangers. Wat ik heel mooi vond is dat er zo veel  contacten ontstonden met verschillende geloofsgemeenschappen. Ik geloof dat de Bijbel ons oproept als vredestichters. Dus op dit soort thema’s vind ik het belangrijk dat je verbinding zoekt met mensen uit andere godsdiensten. In Parijs was de sfeer gespannen, na de bloedige aanslagen kort tevoren. De zaterdag voor de top was er een bijeenkomst waarbij de leiders van alle vijf grote wereldgodsdiensten een petitie overhandigden aan een van de onderhandelaars van de VN. Zij barstte toen in tranen uit maar direct daarop dansten ze gezamenlijk. Dat heeft veel indruk op me gemaakt. Je kunt het niet bewijzen, maar ik denk dat dit echt impact heeft gehad.”  

Je hebt wat meer levenservaring dan de meesten van ons en je bent al langer bezig met dit thema. Wat zou je mee willen geven aan een jongere generatie? 

“Ik denk dat je altijd van beide kanten moet werken, daarmee bedoel ik: van bovenaf en van onderop. Er is een probleem met consumentisme, onze hele leefstijl moet anders. Daarnaast is ander beleid nodig, een systeemverandering. Maar alleen het systeem aanpakken werkt niet, je moet ook draagvlak ontwikkelen. Het gesprek is nodig. Mensen onderling hebben het nodig om tips te krijgen en ervaringen uit te wisselen. Zo groeit een beweging.

Ik ben opgegroeid op een gemengd boerenbedrijf, in Marum in Groningen en gelovig opgevoed, een degelijk fundament voor een actief bewogen leven. Ik ben van 1947. De liefde voor de natuur heb ik van huis uit meegekregen. Daar begint het toch vaak denk ik, die liefde en dankbaarheid voor de natuur, voor de schepping. Wij hebben in die beginjaren van GroeneKerken ook gezocht naar hoe breng je de boodschap? Kijk, de urgentie is enorm groot, rondom klimaat maar ook het verlies aan biodiversiteit. Maar het is daarnaast belangrijk om positief te blijven. Met positieve voorbeelden, die hoop geven. En voor onszelf ook, blijf genieten. Geniet van de natuur die er nog is, zelfs in ons dichtbevolkte land. Dat inspireert weer om samen mooie dingen te doen. En ja, dat is een ander punt: doe het samen. Zorg dat je vrienden zoekt, in verbinding bent met anderen. Als mens moet je het met elkaar doen.” 

Mooie punten, begin bij de liefde voor de natuur en doe het samen. Maar als je zegt positief blijven komt bij veel mensen misschien ook de vraag op: heeft wat we doen wel echt effect?  

“Achteraf kun je natuurlijk nooit bewijzen wat de impact is van bijvoorbeeld zo’n pelgrimage bij de klimaattop in Parijs. Er is geen wetenschappelijke toets met een scenario waarin je het niet gedaan hebt. Maar ik geloof dat het er toe doet, voor jezelf en deze aarde, als je deel uitmaakt van de groep die zich laat horen. Natuurlijk heb ik voor mezelf ook wel eens de vraag of er wel genoeg gebeurt. Maar dan biedt je geloof een goed fundament. Als wij er vanuit gaan dat God een plan heeft met deze wereld, dan mogen we Hem ook die ruimte laten. Wij moeten echter wel doorgaan met wat onze verantwoordelijkheid is. Maar dingen die wij niet in de hand hebben, mogen we ook bij God, bij de Eeuwige, neerleggen. Mijn vrouw zegt het zo: ik ben dankbaar dat ik een adres heb waar ik mijn vragen neer kan leggen.

Dat raakt aan een ander punt: verketter elkaar niet. Ieder moet zijn eigen route kiezen. Respecteer dat ieder zijn eigen afwegingen moet maken. Al toen wij in Wageningen woonden tijdens mijn studie Milieuhygiëne daar, zat mijn vrouw in een werkgroep Nieuwe levensstijl. Daar kwam ook al de discussie langs: jij hebt een auto, kan dat wel? Maar jij hebt een boekenkast vol, is dat dan wel de bedoeling? Met dat soort vergelijkingen kom je er niet. Je kunt ook met het laaghangende fruit beginnen. Als je met elkaar maar voor ogen houdt dat je het beter, duurzamer wilt maken en anders wilt doen. Alle kleine stapjes doen er toe.” 

De klimaatmars op 12 november komt er aan, hoe kijk je daarnaar vanuit jouw ervaring?

“Activisme zat niet echt in onze Groningse en gereformeerde inborst. Dus toen ik jonger was deden we niet mee met dat soort dingen. Maar later, in de tijd van de marsen tegen kruisraketten, zijn we met de predikant uit onze toenmalige kerk wel gaan demonstreren. Ik geloof daar toch wel in. De moed erin houden, je boodschap laten horen. Ik denk dan altijd aan die uitspraak over dat het kwaad kan gebeuren waar goede mensen zwijgen. We moeten ons wel laten horen.

Kijk bijvoorbeeld naar Rusland waar die ruimte er niet is. Ervaar hoe belangrijk vrijheid is, dat je de mogelijkheid hebt om te laten horen wat je denkt. Dus gebruik die vrijheid, ga bij verkiezingen stemmen. Zo kun je op verschillende fronten keuzes maken en een klimaatmars is zeker een manier waarop je je kan laten zien. En wat ook helpt voor jezelf is dat je iets gezamenlijk doet. Als je bijvoorbeeld in een kerkdienst zit met mensen die opkomen voor hetzelfde. Dat geeft  jezelf een fijn gevoel.”