Beleggen

Tip

“Ga uit van uw huidige beleggingsbeleid of -portefeuille bij de overstap naar duurzaam beleggen.”

Wees niet bang dat u een lager rendement krijgt. Uit onderzoek blijkt dat duurzaam beleggen niet ten koste gaat van rendement. En: zelfs áls er (iets) minder rendement behaald wordt, is een eerlijk rendement nog steeds te prefereren.

Als u belegt in individuele aandelen en obligaties, is dat waarschijnlijk uitbesteed aan een vermogensbeheerder. Zo niet, dan is dat sterk aan te raden. Toets of uw vermogensbeheerder duurzaamheid serieus neemt of dat hij het pas noemt als u er expliciet naar vraagt. Een goede vermogensbeheerder is uit zichzelf al eens het gesprek over duurzaamheid met u aangegaan!

Tip

Leg uw doelstellingen – financieel en maatschappelijk – vast in een beleggingsstatuut.

Dat is het kader waarbinnen uw vermogensbeheerder voor u moet opereren. Heeft uw kerk of parochie geen expliciet beleggingsbeleid, dan is haar huidige beleggingsportefeuille het beste vertrekpunt voor een discussie over verduurzaming.
Tip

Vraag uw vermogensbeheerder eens per kwartaal te rapporteren over de  resultaten.

Dan kunt u beoordelen of hij binnen het risicoprofiel en het duurzaamheidsprofiel is gebleven.
Tip

Als u belegt in beleggingsfondsen kunt u overstappen op duurzame varianten van deze fondsen zonder dat het risico noemenswaardig verandert.

Risicoprofielen komen overigens zelden exact overeen, o.a. door verschillen in sectorweging en focus op grote (‘large cap’) dan wel middelgrote (‘mid cap’) of  kleinere (‘small cap’) ondernemingen. Laat u terdege adviseren.

Duurzame beursgenoteerde beleggingsfondsen

Deze fondsen beleggen in een portefeuille van (beursgenoteerde) aandelen en obligaties. Het duurzaamheidsbeleid van deze fondsen kan verschillen. Sommige fondsen sluiten bepaalde sectoren uit, zoals kernenergie, wapenproductie en alcohol omdat deze sectoren strijdig zijn met hun duurzame of ethische principes (‘negatieve  screening’). Andere fondsen gaan een stap verder en sluiten niet alleen bepaalde sectoren uit, maar beperken zich binnen de overgebleven sectoren ook nog eens tot het segment bedrijven dat binnen die sector bovengemiddeld duurzaam is (’best in class’-benadering). Weer andere fondsen voeren een actieve duurzaamheidsdialoog met bedrijven waarin ze beleggen: spreken met het management en bezoeken van aandeelhoudersvergaderingen om daar de duurzaamheidsagenda te beïnvloeden. Ook zijn er fondsen die een combinatie kiezen van bovengenoemde benaderingen.

Tip

… of u stapt over naar een Duurzame Indexfonds.

Duurzame Indexfondsen

Indexfondsen hebben een passief beleggingsbeleid: dat is er slechts op gericht om de samenstelling van de portefeuille overeen te laten komen met de samenstelling van een zelfgekozen index. Dat kan bijvoorbeeld de AEX index zijn of een wereldwijde index.

Er bestaan ook Duurzame Indexfondsen. Die beleggen volgens een duurzame index, bijvoorbeeld één van de Dow Jones Sustainability Indices. Deze bestaan uit een wereldwijde index, een drietal regionale indices (Europa, Azië en Noord-Amerika) en een voor de Verenigde Staten.

Een Nederlands voorbeeld is: Think-Sustainable-World-UCITS-ETF, zie bij Handige Links.

Tip

… of u stapt over naar een Duurzame Sectorfonds.

Duurzame Sectorfondsen

Dit zijn beleggingsfondsen die zich specifiek op één of enkele sectoren richten die als duurzaam gelden, gelet op wat er wordt geproduceerd. Bijvoorbeeld een fonds dat uitsluitend belegt in duurzame energie, in duurzaam vastgoed, in milieutechnologische bedrijven of microkrediet. Sectorfondsen hebben een specifiek risicoprofiel, dat nauw samenhangt met de sector waarin word belegd. Daarom zijn ze qua risicoprofiel onderling niet goed vergelijkbaar. Wat ze gemeen hebben is dat ze geen risicospreiding over sectoren kennen en dus een hoger risicoprofiel hebben dan de eerder genoemde categorieën beleggingsfondsen.

Tip

… of u stapt over naar een Groenfonds.

Groenfondsen

Deze fondsen richten zich vooral op de particuliere belegger, omdat deze kan profiteren van een belastingvoordeel. Groenfondsen beleggen primair in duurzame energie en dito landbouw in Nederland. Omdat het fiscale voordeel alleen voor particuliere beleggers geldt, zijn deze fondsen voor kerken mogelijk minder interessant.

 

Kerken met ervaring

Diaconie Protestante Gemeente ’s-Gravenhage

Heeft een beleggingsstatuut met omschrijving van begrippen en met criteria in de vorm van uitsluitingen. In een driejaarlijkse notitie beleggingsbeleid krijgt het statuut invulling en toepassing; informatie www.diaconiedenhaag.nl/diaconie-organisatie-en-werkwijze  en ibakker@steknet.nl

 

Protestantse gemeente Schoondijke-Waterlandkerkje

Belegt deel van gelden in coöperatieve windvereniging; www.groenekerken.nl/kerken/protestantse-kerk-schoondijke/

 

Protestantse gemeente Sexbierum–Pietersbierum

Belegt deel van gelden via duurzame bank; tevens aanschaf van zonnepanelen op de pastorie en een nieuwe (groene) koffie-automaat) ; informatie famjukema@yahoo.com

 

Protestantse gemeente Assen, Opstandingskerk

Belegt duurzaam en heeft werkgroep met focus op duurzaamheid in relatie tot economie; informatie:  www.groenekerken.nl/kerken/opstandingskerk-assen/

 

Gereformeerde Ontmoetingskerk, Kamerik

Belegt in micro-krediet via Oikocredit; informatie kerkinactie@ontmoetingskerkkamerik.nl